Taiwan (de gebruikelijke naam voor Republiek China) is een groot eiland, met een paar kleine eilandje eromheen, en ligt ten oosten van China. Voorheen Formosa genoemd (in het Portugees betekend dat prachtig land). Taiwan is ook 50 jaar lang van Japan geweest. In 1945 werd Taiwan overgedragen aan de Republiek China. Volkspubliek China ziet Taiwan als een provincie van de Volksrepubliek China (zelfs een meerderheid van de Internationale gemeenschap erkent Taiwan ook nog niet officieel als zelfstandig, zelfs Nederland niet). Mandarijn is de officiële taal die er gesproken wordt.

De helft van het eiland is bedekt met bos, in het midden van het eiland zijn veel bergen en daardoor is daar vrijwel geen bewoning mogelijk, 90% van de bevolking woont aan de westkust, de andere 10% aan de oostkust. Het eiland dwars doorsteken is vrijwel onmogelijk door het berggebied en de bebossing.

Omdat het land een eerste wereld land is en veel rijker is dan veel andere Aziatische landen hebben ze veel geld geïnvesteerd in een goede infrastructuur. Er gaat een hoge snelheid trein van Noord naar Zuid, via de westkust, in 2 uur. Deze trein gaat 300 km per uur.

Wij namen de HSR (highspeedtrain) van Taipei naar Taichung. We hadden een hotel dichtbij het Station geboekt. Maar niet wetende dat er nog een station is in Taichung  namelijk die van de TRA, de gewone trein, de halte van de TRA die naast de HSR Taichung ligt heet Xinwuri. Dus daar zouden we naar toe moeten lopen binnendoor om zo weer verder te gaan naar het Station van Taichung TRA, best even verwarrend allemaal.

We wilden eerst graag naar Rainbow village dus besloten we ipv eerst naar ons hotel te gaan eerst naar het kleurrijke dorpje te gaan met een Uber, dat was slechts een paar km vanaf het station waar we nu waren. Dat gaat makkelijk joh, je besteld online een Uber het wordt al direct van je rekening afgeschreven, het adres geef je online ook al door en je ontvangt een bericht over hoeveel minuten de Uber bij je staat en welk kenteken de auto heeft en welke type het is. Je stapt in en je hoeft eigenlijk helemaal niet te praten met de chauffeur, hij weet precies waar je heen moet en je hebt immers al betaald, fooi hoef je niet te geven.

Wauh wat een leuk plekje zeg, Rainbow village is één groot kunstwerk, geschilderd door een voormalige soldaat, de huisjes in dit kleine dorpje dienden vroeger als tijdelijke huisvesting voor de soldaten, uiteindelijk trok iedereen weg en was hij de enige bewoner, hij wilde niet dat het dorpje gesloopt zou worden en daarom schilderde hij de overgebleven huisjes kleurrijk vol met vogels, dieren en mensen zodat het een publieks attractie werd. Het dorpje levert mooie foto’s op maar is wel heel erg klein. Na een uurtje rondlopen en foto’s maken heb je het wel gezien.

Na dit bezoek gingen we weer met een Uber naar ons Hotel, daar bij dat andere station. We sliepen in Hotel City inn Plus en dat zag er prima verzorgd uit en was niet duur, €43 euro per nacht.

We hadden nog meer plannen die dag, voor ons Hotel stopte de bus en na 1 uur rijden waren we in het dorpje Lukang. Het is een traditioneel dorpje met veel tempels, oude straatjes, vele kleurrijke huisjes met mooie schilderingen en leuke lampionnen om de boel allemaal op te fleuren. Natuurlijk was er ook voldoende streetfood te koop, veel vis en dat is niet zo gek want het ligt immers aan de westkust. Chey is dol op inktvis en dat verkochten ze daar genoeg. Een suikerrietdrankje erbij en wij hadden onze lunch weer voor elkaar. Na een paar uurtjes in dit dorpje rondgelopen te hebben en genoeg tempels gezien te hebben gingen we in het begin van de avond weer terug naar ons hotel met de bus. Uurtje rijden en dat kost maar 3 euro.

Nabij ons hotel was er nog een avondmarkt, een totaal andere weer dan in de hoofdstad, nu waren de kraampjes gewoon langs een drukke weg, waar auto’s en vooral veel scooters langs reden. Maar iedereen stopt koopt zijn eten en drinken, neemt dit mee in een plastic tasje en rijdt weer door.

We kunnen terug kijken op een bijzondere mooie kleurrijke 3e vakantie dag en behoorlijk moe doken we ons bedje in.