Wederom moesten we vroeg uit de veren, er stond een lange rit naar Petra op het programma, zeker 400 km verder.

Onderweg waren genoeg mooie en bijzondere bezienswaardigheden te bewonderen. Neem nu het mozaïek stadje Madaba ,op de route langs de koningsweg, er ligt daar werelds grootste 6e eeuwse vloer mozaïek kaart van het heilige land in het middenoosten. Prachtig om die twee miljoen kleine stukjes steen zo bijelkaar te zien met zijn schitterende kleuren. Helaas is niet alles bewaard gebleven maar het is nog goed te zien dat het een kaart was. Hier op de poster staat hij in zijn geheel.Omdat het stadje beroemd is om zijn mozaIek zijn we ook naar een werkplaats geweest waar we zagen hoe arbeidsintensief het is, al die kleine ingekleurde stukjes worden met de hand in een van te voren getekent patroon gelegd. In het winkeltje ernaast kon je wat verschillende werken kopen, maar peperduur, dat snap ik nu wel want wat een werk is dat zeg om te maken.

Daarna reden we 800 m boven zeeniveau naar Mount Nebo, door de paus erkent als heilige plek, want Moses keek daar op de berg uit over het beloofde land. Het is onderdeel van de pelgrims route. Je hebt daar een prachtig uitzicht over de Jordaan Vallei met in de nabijheid al die beroemde plekken uit de bijbel. Deze plek is zowel voor de Christen als voor de Joden als voor de Moslims een belangrijke plek. Men zegt dat Moses daar vlakbij begraven ligt. Zijn graf is echter nooit gevonden. De paus heeft er een olijfboom geplant en deze doet het super goed. Komt natuurlijk ook omdat deze water krijgt en de andere olijfbomen moeten het doen met regenwater. In het daarbij gelegen kerkje zie je meerdere mozïek vloeren.

Daarna vervolgden we onze weg over de koningsroute naar de 12 e eeuwse kruisvaarders burcht in Kerak. We liepen door de burcht die best heel groot was en kregen uitleg van Ferdi onze gids, een deel van ons raaakte de groep kwijt maar die werden keurig rondgeleid door een oud plaatselijk mannetje die zeer goed Engels sprak.

Toen we weer in de bus zaten en ik naar buiten keek, had ik soms zelfs het gevoel dat we in Spanje reden. De zelfde soorten bomen en planten en heuvelland. Maar opeens zei Ferdy dat we onze ogen dicht moesten doen en van 10 tot 1 moesten tellen. Toen we ogen open deden waren we ineens in een compleet ander landschap. Gekscherend noemde Ferdy het landschap wat we zagen de Grand Canyon van Jordanië. Er was zelfs een soort hooverdam. We keken uit op de kloof van Wadi Mujib. De rivier mondt uit in de dode zee maar staat voor een groot deel van het jaar droog. De dam vangt aan de ene kant het water op en voorziet daarmee de dorpen en steden van water. De kloof is onstaan door het verschuiven van de aardplaten tussen twee continenten. Spectaculair om te zien.

Tegen de avond kwamen we eindelijk in Petra aan. We zijn vlakbij het hotel wezen eten wederom lekker humus en falafal, gelukkig kan ik daar geen genoeg van krijgen. Ons hotel ligt super dichtbij de ingang van de verborgen stad dus morgen kunnen we daar gewoon naar toe lopen.