Na ongeveer 45 minuten rijden van Alicante kwamen we aan in Hondon de las Nieves, een plaatjes met 2000 inwoners. We konden de b&b waar we zouden overnachten eerst niet vinden. We hadden onze Hollandse Tom Tom meegenomen, maar die liet ons flink in de steek. Uiteindelijk hebben we maar gebeld. Rob en Anneke zijn de trotse eigenaars van Casa Roanne en zij vertelden ons precies hoe we moesten rijden.
Deze overnachtingsplek was een totaal andere b&b dan de vorige.
Dit prachtige huis lag niet in het dorpje maar op een plekje ongeveer 2 km buiten het dorpje. Na het toegangshek te zijn ingereden zagen we gelijk een kippenhok liggen, voor de verse eitjes bij het ontbijt. Het huis zag er vrij nieuw uit. Volgens de eigenaren hebben ze nog flink moeten klussen om het zo te krijgen zoals het nu was. Ze zijn tijdens dat proces en het vertrek uit Nederland gevolgd door de makers van het bekende tv programma IK VERTREK wat volgende jaar wordt uitgezonden op tv vertelden ze.
We kregen een kop koffie en thee en een plak cake als welkom.
Ze hebben 4 gastenslaapkamers waarvan er op dat moment 3 verhuurd waren. Wij hadden de lavendel kamer, het zag er netjes uit maar het was alleen een kamer om te slapen meer ruimte had je niet. We hadden een gedeelde badkamer en toilet met een andere kamer, in die kamer waren geen gasten dus wij hadden geluk.
Rob en Anneke zijn hele aardige mensen maar toch zouden wij nooit op die manier een b&b willen runnen zoals zij dat deden. Buiten was het echt Spaans, maar binnen was het heel Nederlands. De avonden zijn koud en s’avonds zaten we met nog 4 gasten en de eigenaren binnen te eten, aan een Hollands diner. Gebakken aardappeltjes, Broccoli, en sla met plakjes ei erop en toe fruit met slagroom. Het was heel lekker maar niet echt Spaans! In de huiskamer dronken we een glaasje wijn, kregen bitterballen en borrelnootjes en keken Hollandse tv, oa voetbal! Anneke zat in de huiskamer achter de computer en wij zaten met de andere gasten wat te kletsen. Het was best gezellig hoor maar wij zijn gewoon ander types. Ik denk dat heel veel mensen het hier erg plezierig zullen hebben, maar wij zoeken een b&b met wat meer een Spaans vleugje en wat meer privacy.
Op de vraag of we morgen weer wilden mee eten hebben we maar bedankt, we wilden liever iets lokaals eten.
We kregen een tip om te gaan eten s’avonds bij de plaatselijke bodega Bodegas Cerdá.
Toen we daar de volgende avond aankwamen rond 8 bleek het geen echt restaurant te zijn maar je kan wel met de lunch wat tapas krijgen vertelden ze. De bodega is echt geweldig en zeker een bezoekje waard, binnen zie je allemaal grote wijnvaten en kun je wijn proeven. Wij hebben een grote 2 liter plasticfles dessert wijn getapt, super goedkoop en werkelijk verrukkelijk. We hebben ook een prachtige fles rode wijn met een heel mooi zinken etiket erop gekocht. Op ons beste Spaans vroegen we waar een goed lokaal restaurant zat. De Spanjaarden eten pas rond half 10 s’avonds vertelde ze en we vonden het restaurant achter de benzinepomp aan de rand van het dorp, restaurant Hierbabuena.
Daar hebben we paella met konijn en slakken gegeten, de plaatselijke specialiteit, erg lekker, we kregen er stokbrood bij met aioli en tapenade, een bordje met olijven met ansjovis, tomaat en plakjes worst, kaas en inktvisringen en toe ijs met cake. Heel toevallig kwamen we aan de praat met de Makelaar van het dorp dat is ook een Nederlander.
Maar ik was al over onze tweede avond gaan vertellen maar overdag hadden we ook niet stil gezeten we zijn in de ochtend eerst naar Alpe geweest daar was een marktje, ik was op zoek naar Spaans jurkjes en schoentjes voor mijn nichtjes, maar niks hoor, dat zijn toeristen dingetjes en die hadden ze daar niet. Wel een leuke markt met veel verse groenten en vlees, de lokale bevolking eet daar tussen de middag.
Na de markt zijn we naar de kust gereden naar Santa Paulo ongeveer 40 minuten verderop. Langs de zoutbergen (zout uit het meer) zo door naar het strand.
Bij het strand was het vrij stil, heel veel appartementen stonden daar te koop en te huur, een beetje een leegloop leek wel, geen spannende plek om te vertoeven. Na de zelf gekochte lunch op het strand opgegeten te hebben zijn we naar Elche gereden op zoek naar parc municipal. 
Helaas keek een Spanjaard niet goed uit en knalde tegen onze auto aan, nou zie dan maar je schadeformulier in te vullen als de tegenpartij vrijwel geen Engels spreekt en wij geen Spaans. De wieldop was kapot en er zaten wat krassen op, wij blij dat we die extra verzekering genomen hadden. Na dik een uur konden we dan eindelijk het park in en we zagen enorm veel palmbomen, schitterend!


